Verdwenen in het veen (2)

Het verraderlijke moeras (Foto: Aafke de Wijk)

[25 maart 2008]

et lager gelegen rechthoekige deel ziet er drassig en mossig uit, en eerder heb ik een dergelijk stuk Haaksbergerveen uit voorzorg al gemeden. Prikken met de meegenomen stok leert dat de bodem echter stevig genoeg is om er te kunnen lopen. En het is de kortste weg naar ons volgende doel.

Eerste Paasdag is een heldere en droge dag in een periode van ongewone winterse buien. Daar profiteren we van om nogmaals een bezoek aan het Haaksbergerveen en grenssteen 832-G te brengen.
Staflid Aafke wil namelijk ook haar verzameling stenen zoveel mogelijk compleet hebben.
We lopen nu vanaf de andere kant naar de steen toe, en zo kost het nog minder moeite om er te komen.
Onderweg zoeken we een paar stevige stokken om mee te nemen voor de balans en om de diepte van water en moeras mee te peilen.

Gp 832-G (Foto: Dick Waanders)

Met die stokken lukt het ons nu ook om op een mini-eilandje recht voor de steen te komen. Om daar te komen moeten we een stukje door het water lopen, en met de stok voelen we of dat veilig kan. De vorige keer durfden we dat niet aan, waardoor we het nummerplaatje niet goed op de foto hebben kunnen krijgen.
Op het eilandje passen net twee personen en we staan er dan ook met zijn beiden op. Erg voorzichtig is dat niet, want als we naar de bodem zakken dan is er niemand meer om ons te redden.
Het gaat goed en we maken heldere foto's.

Gp 832-G (Foto: Dick Waanders)

Als we hier klaar zijn, volgen we nog even een onduidelijk paadje dat langs het meertje loopt. We komen echter steeds meer met de voeten in het water te lopen, en we hebben niet het gevoel dat we zo bij 832-H komen. We moeten weer een eindje terug.
Ter hoogte van de grenssteen bepalen we de te lopen richting, en we zien dat we die droog kunnen lopen. Op een strook drassige veengrond na tenminste. We kunnen er omheen lopen, maar de kortste weg is er dwars doorheen. Dat schijnt geen probleem te zijn, de stok en onze voeten zakken er niet in weg.
Bijna aan het eind van het natte veldje verlies ik mijn voorzichtigheid, neem een grote stap, en... mijn linkerbeen zakt langzaam weg in het moeras. Om mijn balans te hervinden trek ik mijn rechterbeen bij en zet die stevig neer. En ook mijn rechterbeen zakt weg en zuigt zich vast in de modder. Door die abrupte bewegingen val ik om en kom met mijn achterste in het water terecht. Nu lukt het me niet meer om op eigen benen weg te lopen, en dat geeft een licht paniekerig gevoel. Ik weet immers niet hoe ver ik nog wegzak.
Ik trek mijn linkervoet uit het moeras en leg mijn been in een knik, waardoor mijn laars helemaal volloopt.
Mijn handen zijn nog droog en schoon, en als ik alleen geweest was dan zou ik mijn hele lichaam hebben moeten gebruiken om hier weg te komen. Met als gevolg dat ik helemaal onder de modder zou hebben gezeten.
Daarom roep ik naar Aafke, die gelukkig dichtbij is, dat ik wel haar hulp nodig heb om er uit te komen. Zij zet zich schrap op een stevige ondergrond, pakt een klein boompje vast als houvast en trekt me met al haar kracht uit mijn netelige positie.

Weer op het droge, vraag ik of ze wel gauw even een fotootje van de gebeurtenis heeft gemaakt. Nee, dat heeft ze niet. Ze vond het urgenter om mij te helpen, want ik klonk toch wel wat paniekerig.
Als ik het water uit de laarzen laat lopen, mijn sokken aan het uitwringen ben, mijn jas ontdoe van het mos en mijzelf weer fatsoeneer, gaat Aafke alleen op pad om te zien of ze gp 832-H kan zien.
Verstandig vind ik het niet dat ze alleen op pad gaat, maar ik kan haar niet tegenhouden. Als ik klaar ben met de opknapbeurt, komt ze terug met de mededeling dat ze geen steen meer heeft gezien.
Later stellen we vast dat 832-H in het water staat, en waarschijnlijk overdekt is met mos of dieper weggezakt.

Mijn onderlichaam is helemaal nat, maar gelukkig is het door de zon niet erg koud en het vriest niet.
En nu we hier toch eenmaal zijn, gaan we ook nog even verder naar 832-C en 832-D.
Hoe we ook zoeken, we vinden niks dat op grensstenen lijkt. Of ze zijn helemaal begroeid of ze staan inmiddels onder water.
We gaan terug via een mooi paadje, dat we nog niet vaak gelopen hebben. Het duurt nog even voordat we weer bij de auto zijn, en dan ben ik inmiddels wel behoorlijk misselijk geworden van alle spanningen. Gelukkig heb ik in de auto nog droge sokken, en met plastic zakken zorg ik dat de autostoel niet nat wordt.
Thuis aangekomen, dompel ik me weer onder in het water, maar nu lekker schoon en warm water uit de douche.