Punthuizen 1

We zijn vandaag op zoek naar een bijzondere steen. Namelijk de oudste grenssteen van Nederland.
Nu we onderweg zijn, weten we niet meer precies welk nummer hij heeft. De een zegt 20 en de ander zegt 22.

21-V (dw)We volgen de 22-sprekers. Die volgzaamheid zal rampzalige gevolgen hebben. Wees gerust: we leven allemaal nog.
Het rampzalige zit hem daarin dat ik bij het verwisselen van mijn nette pantalon voor een spijkerbroek mijn huissleutel verlies.
Dat gebeurt in het Lutterzand en ik merk het pas als we weer thuis zijn.

Voordat we in het Lutterzand op zoek gaan naar de grens hebben we 21-VII (dw)eerst nog een boeiend gesprek met een echtpaar waarvan de man een levensgrote fotocamera en statief met zich meetorst. Hij lijkt wat hardhorend te zijn want hij reageert niet op vragen van ons, en blijft gewoon doorpraten.

Er blijkt geen pad in de buurt van de grens te lopen en de wandeling door het bos duurt langer dan verwacht. Maar we vinden het deel van de grens dat door de Puntbeek wordt gevormd.

21-VII (dw)Omdat we niet weten waar steen nummer 22 staat, lopen we eerst in zuidelijke richting langs de beek totdat we 21-V zien staan. Het is een kleine hulpsteen.
We keren om en gaan op zoek naar 21-VI en 21-VII, ook twee hulpstenen.
Als we die gehad hebben klopt ons hart vol verwachting naar 22.
Op het punt waar de beek rechtsaf gaat, staat 22 lichtelijk verscholen in de bosrand.

22 (dw)Grote teleurstelling: het is niet de steen die we zoeken.
De 20-sprekers hebben dus toch gelijk. Ik zal niet verklappen bij welke partij ik hoor.

Grenspaal 22 blijkt niet de originele steen uit de zestiende eeuw te zijn, zo lezen we in een boekje over grensstenen rondom Losser. In de vorige eeuw blijkt deze indrukwekkende steen enkele malen spoorloos verdwenen te zijn in de bodem van de Puntbeek en jaren later bij toeval weer ontdekt. Omdat hij erg beschadigd is heeft men hem vervangen door deze.

Op zondagmiddag ga ik terug naar de plek waar ik mij omgekleed heb en waar mijn sleutel vermoedelijk uit de achterzak van mijn broek is gegleden. Op zondag zijn er altijd veel wandelaars in het bos, en ik hoop maar dat niemand de sleutel heeft opgeraapt.
Ik heb geluk, ik zie nog net een klein metalen puntje uit het zand steken, en mijn vermoeden dat dat wel eens de sleutel zou kunnen zijn, blijkt juist te zijn.
Omdat ik hier nu toch eenmaal ben, kan ik ook nog wel even gaan zoeken naar grenspalen die we nog niet gehad hebben.
Omdat het van hier nog een heel eind lopen is, en ik hier ook weg wil, stap ik weer in de auto en probeer zo dicht mogelijk in de buurt van de grens te komen.
In het verlengde van de Vrijdijk is een smalle doodlopende zandweg, waarlangs grensstenen staan. Omdat ik al enige tijd geen ander verkeer meer heb gezien, verbaast het mij dat ik achter mij ineens de koplampen van een andere auto zie.

24-I (dw)Als ik mijn auto aan de kant zet om de eerste grenspaal te fotograferen, stopt de Duitse auto en verklaart de bestuurder dat hij verdwaald is en dat hij blindeling achter mij aan gereden was in de hoop dat ik wist wat ik deed.
Omdat keren hier onmogelijk is, adviseer ik hem om gewoon door te rijden en de eerste zijweg rechts te nemen. Ondanks dat de weg doodloopt zie ik de auto toch niet meer terug, hij moet een uitweg via het erf van een boer hebben weten te vinden.

24-I (dw)

Terug naar de grens, dat wil zeggen ik ben nog steeds bij de grens. Om precies te zijn bij grenssteen 24-II.
Van daar rijd ik de Vrijdijk verder af totdat de weg ophoudt en ik tegen dit bord en deze grenssteen aanrijd.
24 en 24-I (dw)De steen is nummer 24-I, onder het verbodsbord staat dat het hier Privatgrund is en op het houten bord aan de tweede boom staan een aantal letters met punten ertussen en daarachter de plaatsnaam Beuningen. Beuningen is een Nederlandse plaats in de buurt. Gezien de objecten op het terrein kan het zijn dat men hier honden traint.

Rechtsaf gaat er een karrespoor vermoedelijk naar het erf van een boerderij. Daar zal de Duitser wel langs gereden zijn. Ik denk dat ik die mensen maar niet ga lastig vallen, en dus keer ik om. Dan zie ik het heuveltje met daarop grenspaal 24. Deze steen staat op nog geen tien meter afstand van 24-I.

24 (dw)Er is zelfs een Duitstalig boekje over verschenen: “Het geheim van grenssteen 24”.
Ooit zou deze een keer onthoofd zijn, en de steen die er nu staat is een vervangend exemplaar.
Waarom hij zo mooi op een heuveltje staat en waarom de twee zo dicht bij elkaar staan, is me nog niet duidelijk.
Ook lijkt het dat de grens een haakse bocht maakt bij 24-I, maar die is op de kaarten niet terug te vinden in deze mate.

Het is maar goed dat ik de zelfde weg terugrijd, want nu zie ik pas grenssteen 25. Voor een héél nummer is het maar een onooglijk steentje. Ook het origineel van nummer 25 is dus een keer verdwenen, het begint eentonig te worden hier.
En de steen die er nu staat lijkt niet op zijn plaats te staan, maar door een graafmachine of bulldozer ruwweg aan de kant geschoven te zijn. Een groot stuk grond is bosvrij gemaakt, en daar stond de steen toevallig. Een volgende keer nog maar eens kijken wat men hier van plan is en waar 25 dan gebleven is. Verder

25 (dw)