Manderveen 1

Vandaag hebben we behoefte aan een heel stil plekje. Laten we maar weer eens naar de zandafgraving aan de Duitse kant van de Mandercirkels gaan. Daar was het de vorige keer heel stil en daar staat ook die opvallende grenssteen nr. 87. We kunnen dan meteen de opvolgende stenen verzamelen.

87-I (dw)Het is zaterdagmiddag en het is eind november. Aangekomen bij de zandafgraving zien we een paar dure terreinauto's met Nederlands kenteken staan. Er staan wat oudere mensen bij, waaronder een vrouw die een klein jongetje in een driewielige crossmotor vermanend aan het toespreken is. We hebben niet door wat ze daar aan het doen zijn.
We rijden heel langzaam het zeer hobbelige zandpad, dat boven langs de afgraving loopt, op.
En dan schrikken we van de puber op een grote crossmotor die plotseling vlak achter ons rijdt. Hij kan ons niet passeren en dat 87-II (dw)schijnt hij niet te kunnen waarderen. Zodra het pad iets breder wordt, scheurt hij ons met veel misbaar en lawaai rechts voorbij. Het resultaat is dat onze auto volledig onder modder en zand komt te zitten. Hij denkt waarschijnlijk dat de zandafgraving speciaal voor hem is aangelegd.
Als we stoppen om grenspaal 87-I te fotograferen, komt er net het jongetje - van naar schatting vijf jaar oud - in de minicrossmotor aangereden. Hij stopt en vraagt: “Meneer, mag ik wat vragen?”
Dat mag, en hij wil weten wat ik aan het doen ben. Als ik antwoord dat we foto's maken, vraagt hij of we hem aan het fotograferen zijn. Ik haal hem uit de droom en wijs op de grenspalen. Hij rijdt door zonder nog iets te zeggen.

88 (dw)Op het punt waar het zandpad van de grens afbuigt, zetten we de auto in de berm, halen de radio en dergelijke eruit en sluiten hem zorgvuldig af.
Het zijn in totaal drie jeugdige crossers die hier continu rondjes draaien met open uitlaten en met het produceren van zoveel mogelijk lawaai. Wat een ellende, en dan verwacht je hier stilte.
Kilometers verder zijn ze nog te horen alsof ze op een meter afstand van je rijden.

In het bos komen we langs twee substenen, de nummers 87-I en 87-II, en vervolgens de grotere 88. Deze staat midden in het bos en er loopt ook geen pad langs.

88-I (dw)Hulpsteen 88-I staat weer wel in de buurt van een zandpad, en van hier loopt er ook een pad parallel aan de grens. Niet zo lang trouwens, want het pad eindigt bij een grote akker.
Steen 88-I en deze akker hebben we al eerder bezocht (zie hoofdstuk “Mander”), en toen hebben we door de verrekijker een steen zien staan midden in de akker op een heuveltje.
Het begint al donker te worden, en de crossmotoren zijn nog steeds goed te horen, maar we gaan toch nog even op weg naar de steen door langs de rand van de akker te lopen.
De afstand blijkt groter te zijn dan verwacht, en net als we besluiten om terug te gaan zien we paal 88-II.
Deze moet ook midden in de akker hebben gestaan, maar dat zal de boer wel te lastig gevonden hebben. Hij heeft hem ruwweg naar de rand gesleept en hem daar niet meer ingegraven. Gemeente Tubbergen: werk aan de winkel! Verder

88-II misplaatst (dw)