Denekamp, De Wolfshuizen

(Foto: Aafke de Wijk)

[8 februari 2003]

ijk daar eens!
In de voortuin van het woonhuis staat een pracht van een grenspaal.
Op de voorkant staat in grote letters een H, daaronder BENTHEIM en vervolgens een nummer dat niet te reproduceren is op het toetsenbord van een computer. Het lijkt op No 10, maar het teken vˇˇr de 0 herkennen we niet.
Op de achterzijde van de hoge steen staat OVERYSSEL en No 34. Dat nummer is niet zo vreemd, omdat het in de serie die we hier zoeken past.
Wat ons betreft is deze steen uniek. Het is voor het eerst dat we inscripties als deze zien. Wat wel vreemd is, is de plaats van de steen. Hier kan nooit de grens lopen, die moet achter langs de gebouwen lopen. De steen moet verplaatst zijn.

We rijden brutaalweg verder het erf op, in de verwachting dat de straat nog ergens verder gaat. Dat is niet het geval, en we zijn gedwongen om de auto op het erf te laten staan. We lopen vervolgens langs maisakkers die ons het zicht compleet ontnemen, en bereiken uiteindelijk een kale stoppelakker waar we een of meer stenen zouden kunnen aantreffen. Als we er in de verte eentje menen te zien staan, struikelen we bijna over degene die vlak voor onze neus staat.
Het zijn de stenen 39 en 40, en als de akker niet gemaaid was, hadden we ze nooit gevonden.
De landaanduidingen lopen hier door elkaar, soms is het N-H (Nederland-Hannover), soms N-P (Nederland-Pruisen) en op steen nr. 34 dus ook Overijssel-Bentheim.

(Foto: Paul Oeinck)

We lopen terug naar het erf waar de auto staat. Helaas is daar nog steeds niemand te zien. Rondom het landbouwbedrijf moeten meerdere grensstenen staan, maar alles wat we nu kunnen zien zijn metershoge maisplanten op uitgestrekte akkers. Daarin vinden we de stenen nooit, en wie weet staan ze er ook niet meer.
We gaan nog even de steen met BENTHEIM erop beter bekijken, vooral het ene rare teken, en dan houden we het hier voorlopig even gezien. In de winter zal het makkelijker zoeken zijn.
Dan zien we links naast de oprit naar de woning waarvoor de grote steen nr. 34 staat, een karrespoor dat wel eens het verlengde van de verharde openbare weg zou kunnen zijn.
Ik stuur de auto het karrespoor op, en zo komen we plotseling bij het eerste menselijke wezen dat we hier zien. De man staat naast zijn trekker. Ik stap uit de auto en vertel hem in het Duits dat we op zoek zijn naar grensstenen.
Dat had de gemoedelijke jonge Duitse boer al gedacht, zo reageert hij, en hij snapt dat we ze willen fotograferen.
Er moeten er hier heel wat staan, zeg ik, en vraag meteen naar de grote steen in de voortuin. Daar loopt niet de grens, volgens mij.

(Foto: Paul Oeinck)

De Duitse man geeft mij gelijk en legt meteen uit dat de steen elders in de weg heeft gestaan en dat ze hem toen naar die plek verhuisd hebben.
De andere stenen die we zoeken staan nog op hun plek. Drie ervan staan midden in zijn maisakkers. Ook deze landbouwer heeft de helft van zijn land in Nederland en de andere helft in Duitsland. Dat is altijd al zo geweest en dat heeft nooit problemen opgeleverd, volgens de man, die zowel plat als gewoon Nederlands verstaat.
De man helpt ons vriendelijk en bereidwillig en loopt zelfs met ons mee om aan te wijzen waar de stenen staan, en hij moedigt ons aan om gewoon de maisvelden in te lopen naar de drie stenen die daar staan. Die stenen zijn gemarkeerd met hoge palen die een goed oriŰntatiepunt vormen. Behalve midden in het mais, dat is zˇ hoog dat we dan niks meer zien.