Lemiers, tweeling op de grens (2)

De twee paalstenen bij de grensbeek in Lemiers

We zien meteen dat de steen op de Duitse oever een stuk kleiner is, maar het kopje ging niet verloren…

De grens tussen Lemiers en Lemiers, in de vorige aflevering, bracht ‘pennen’ en jaartallen in beroering. Opvallend is dat Duitse historici en heemkundigen het ontstaan van die grens veel minder ver in de historie plaatsen dan Nederlanders. Veel Duitsers veronderstellen dat de grens tussen Lemiers en Lemiers een product is van het Weense Congres, waar in 1815 oncapabele mannen, op klaarblijkelijk onduidelijke landkaarten, met rode potloden willekeurige lijnen trokken. Hertogenrade, sinds 1136 een zetel van de hertogen van Limburg werd in 1815 door een rode streep gesplitst: De burcht van Rode viel aan Pruisen en de abdij Rolduc aan Kerkrade…
Maar volgens Nederlandse bronnen bestond de grens in Lemiers toen al een aantal eeuwen.

Grote langgerekte witte boerderij

Het keurige boerderijencomplex aan de Seffenter Berg, met voorgevel in neoclassicistische stijl, konden we goed vinden. Het perceel werd voor het eerst genoemd in 1682 en heette toen Rulandtshof. Tegen het einde van de 19e eeuw was de hofstede eigendom van Adele Cockerill. De naam herinnert ons aan hoogovens en staalindustrie.

Zwaluwen zijn hier welkom

Bij Jakob Grooten en zijn zoon Georg zijn ook zwaluwen van harte welkom. Een sympathiek gebaar dat niet vanzelfsprekend is. Op veel plaatsen gaat de zwaluwpopulatie schrikbarend achteruit.

Terwijl het Duitse Lemiers reeds voor 1322 aan het ‘Reich’ viel, behoorde het Nederlandse Lemiers vanaf 1394 aan Bourgondië, vanaf 1482 aan de Habsburgers en vanaf 1555 aan de Spaanse kroon.Volgens historische bronnen werd Maximiliaan II (1527-1576) in 1564 heerser over het ‘Reich’. Zijn voorgangers lieten zich in Aken tot koning kronen, maar met Aken had Maximiliaan II blijkbaar niets. Ook met katholieken had hij niet veel, want aan zijn hof gaf hij de voorkeur aan protestantse adviseurs. Vier jaar later, in 1568, begon de 80 j. Oorlog en ook dat jaar kan gevoeglijk als ‘grensjaar’ beschouwd worden. In 1648 kwam een einde aan die lange oorlog en toen in 1661 Vaals tot de Staatse gebieden van Nederland gerekend werd, was er al jaren geen politieke verbondenheid meer tussen de Nederlanden en de Duitse buren. Gelukkig wel een sociale binding en dat tot op de huidige dag.

Via poort naar het erf

Binnen de poort van Alfhöfchen bevindt zich een keurig verzorgd erf. Een eeuw geleden werd een gedeelte van de boerderij bewoond door de burgemeester van Laurensberg, die een paar stallen gebruikte als werf en magazijn voor straatmeubilair van zijn gemeente. Klaarblijkelijk werden ook gebroken grensstenen tot het ‘straatmeubilair’ gerekend, want de kop van paalsteen met nummer 200 werd keurig afgeleverd en bestemd voor hergebruik…

In deze tweede aflevering willen we ook aandacht besteden aan de afgebroken paalsteen met nummer 200, bij het bruggetje tussen Lemiers en Lemiers. Door voorzitter Dietmar Kottmann van de Laurensberger Heimatfreunde werd ik attent gemaakt op het bovenste stuk van een grenssteen met nummer 200, dat zich op de hofstede Alfhöfchen in Seffent (Aken) zou bevinden. Toevallig is ook de pachter de heer Jakob Grooten lid van die heemkundeverenging, zodat goede contacten in het verschiet lagen.

De steen wordt geschuurd

Toen Jakob Grooten hoorde dat het steenstuk op de foto zou komen haalde hij meteen schuurpapier, zodat de steen met de bekende Duitse zorgvuldigheid toonbaar gemaakt kon worden.

Steen 200 geeft steun

Inderdaad, dit is nummer 200 en er is geen twijfel mogelijk.


Met dank aan de heren Dietmar Kottmann en Jakob Grooten voor hun welwillende medewerking.

H5 Op de Grens (102)
[24 oktober 2011]